Maagkiezel en grit worden vaak standaard gegeven, maar hebben kromsnavels het eigenlijk wel nodig? We zetten het voor u op een rij.
Maagkiezel en grit
Maagkiezel en oplosbaar grit
Veel vogels slikken in het wild steentjes in. Deze steentjes komen terecht in de spiermaag, waar ze functioneren als ‘tanden’: ze helpen om de voeding klein te malen. Deze steentjes kunnen in gevangenschap worden aangeboden en worden dan ‘maagkiezel’ genoemd. Dit is absoluut een noodzaak voor vogels die zaden in het geheel inslikken (kippen, duiven). Vogels die de zaden pellen en kapotbijten (kromsnavels) hebben weinig tot geen behoefte aan maagkiezel. Ze hebben wel de neiging om het in te slikken. In geringe mate kan dit geen kwaad, maar de kromsnavels in gevangenschap hebben vaak de neiging om grote hoeveelheden maagkiezel in één keer in te slikken. Dit zorgt voor problemen. Het is dan ook aan te raden om maximaal een paar steentjes per keer aan te bieden, 1x per maand.
Grit is iets anders dan maagkiezel. Grit bestaat uit stukjes schelp. Dit lost op in de maag en vormt een goede bron van calcium. Zeker voor vogels die met de voeding te weinig calcium binnenkrijgen, is oplosbaar grit een goede toevoeging aan het dieet. In het verleden is het wel voorgekomen dat er metaal in het oplosbaar grit zat, waar vogels een metaalvergiftiging van opgelopen hebben. Het is dus aan te raden om vóór het verstrekken van het grit, met een krachtige magneet door het bakje te gaan om in elk geval het magnetische metaal eruit te filteren.
